Friends  |  Press Room  |  Contact Us

The International School for Holocaust Studies

Beknopte encyclopedie van de Holocaust

Buchenwald

Een van de grootste concentratiekampen in Duitsland op ongeveer acht kilometer van de stad Weimar. Het kamp werd op 16 juli 1937 opgericht en op 11 april 1945 bevrijd. Tijdens het bestaan van het kamp kwamen 230.980 gevangenen uit 30 landen in Buchenwald terecht. Van deze mensen werden er 43.045 gedood, onder wie krijgsgevangenen uit de Sovjet-Unie.
Buchenwald was verdeeld in drie afdelingen: het grote kamp, waar maatschappelijk hoger geplaatste gevangenen waren ondergebracht, het kleine kamp waar gevangenen onder een beperkt regime verbleven en het tentenkamp, dat in 1939 werd geïnstalleerd voor Poolse gevangenen. Er was ook een gedeelte voor bestuur en administratie, er waren SS-barakken, kampfabrieken en 130 satellietkampen.
Twee commandanten hadden de leiding over het kamp: SS-Standortenfűhrer Karl Koch van 1937-1941 en SS-Oberfűhrer Hermann Pister 1942-1945.
In juli 1937 kwam de eerste groep gevangenen in Buchenwald aan. Zij waren voor het grootste deel politieke gevangenen en gewone criminelen. Spoedig daarna arriveerden grote groepen gevangenen. Eind 1937 bevonden zich er 2.561 gevangenen, meest politieke. In het voorjaar van 1938 werden gevangenen die als asociaal werden beschouwd, naar het kamp gebracht. De eerste transporten van Duitse Joden arriveerden eveneens omtrent die tijd. In juli bevonden zich 7.723 gevangenen in Buchenwald. Op 23 september 1938 kwamen er 2.200 Joden uit Oostenrijk aan. Na de Kristallnacht (van 9-10 november) kwamen daar nog eens 10.000 Joden bij. De Joden werden bijzonder wreed behandeld: zij moesten 14-15 uur per dag werken en hun levensomstandigheden waren erg slecht. Destijds was het doel van de Duitsers de Joden ertoe te brengen Duitsland te verlaten. Eind 1938 lieten zij 9.370 Joden vrij uit Buchenwald, nadat hun families en joodse en internationale organisaties hadden geregeld dat zij het land konden verlaten. In de korte tijd dat deze gevangenen in Buchenwald verbleven, werden er 600 gedood, pleegden zelfmoord of stierven.
Na het uitbreken van de oorlog werden duizenden politieke vijanden gearresteerd en naar Buchenwald overgebracht. Het aantal Joodse gevangenen steeg weer toen Joden uit Duitsland en het protectoraat Bohemen en Moravië naar Buchenwald werden gedeporteerd; in 1939 waren er 2.700 Joden in Buchenwald. Vervolgens werden duizenden Polen naar binnen gebracht en vastgehouden in het tentenkamp.
Op 17 oktober 1942 gaven de nazi’s het bevel alle Joodse gevangenen in het Reich, met uitzondering van 204 arbeiders, over te brengen naar Auschwitz. Maar in 1944 werden Hongaarse Joden in omgekeerde richting vervoerd, van Auschwitz naar Buchenwald. Zij bleven korte tijd in het hoofdkamp en werden daarna verhuisd naar de satellietkampen. De Joden werden veel slechter behandeld dan de andere gevangenen en werden gebruikt voor medische experimenten.
In 1943 waren de Duitsers gereed met de bouw van wapenfabrieken, zodat die konden gaan produceren. Daardoor nam de bevolking aanzienlijk toe. Aan het eind van 1944 waren er 63.048 gevangenen en in februari 1945 waren dat er 86.232.
Met de Russen in aantocht begonnen de Duitsers op 18 januari 1945 met de evacuatie van Auschwitz en andere kampen in Oost-Europa. Hierdoor kwamen duizenden Joodse gevangenen in Buchenwald terecht, onder wie honderden kinderen. Voor hen werd een speciaal barakkenkamp ingericht, dat Kinderkamp Blok 66 werd genoemd en de meeste kinderen overleefden.
In 1943 werd een ondergrondse beweging gevormd waarin ook Joden waren opgenomen, die de naam Internationaal Ondergronds Comité kreeg. De beweging slaagde erin een deel van het werk in de wapenfabriek te saboteren en wapens en ammunitie in het kamp te smokkelen.
Op 6 april 1945 begonnen de Duitsers met de evacuatie van Joodse gevangenen. De volgende dag werden duizenden andere gevangenen eveneens geëvacueerd. Zo’n 25.500 gevangenen stieven gedurende de evacuatie van het kamp. In de laatste dagen van Buchenwald slaagden ondergrondse werkers erin de evacuatie af te remmen. Op 11 april waren de meeste SS-ers gevlucht. De ondergrondse werkers namen de leiding van het kamp over en wisten de achtergebleven SS-ers gevangen te nemen. Op die dag werden 21.000 gevangenen in Buchenwald bevrijd, onder wie 4.000 Joden en 1.000 kinderen.
In 1947 werden 31 bestuurders van het kamp voor de rechter gebracht als onderdeel van de Neurenberger Processen. Twee van hen werden ter dood veroordeeld en vier kregen levenslang.

Met dank aan Yannick Servais voor zijn inzet en bijdrage aan het tot standkomen van deze beknopte encyclopedie.
Encyclopedia of the Holocaust, In Association with Yad Vashem, The Holocaust Martyrs' and Heroes' Remembrance Authority, Dr. Robert Rozett and Dr. Shmuel Spector, Editors, Yad Vashem and Facts On File, Inc., Jerusalem Publishing House Ltd, 2000.