Friends  |  Press Room  |  Contact Us

The International School for Holocaust Studies

Beknopte encyclopedie van de Holocaust

Lodz

Stad in POLEN. Belangrijk centrum van Joodse cultuur, waar voor het begin van de Tweede Wereldoorlog 223.000 Joden woonden.
De Duitsers vielen Lodz op 8 september 1939 binnen. Zij wezen de stad aan als onderdeel van de Wartegau, een Pools gebied dat was geannexeerd door het Rijk. Direct na de bezetting begonnen de Duitsers met de vervolging van de Joden in de stad. Zij organiseerden rellen en haalden Joden op om dwangarbeid te verrichten. De Joden mochten van ’s middags 5 tot ’s avonds 8 uur hun huis niet uit en werden economisch gezien beperkt. De Duitsers verboden zelfs de diensten in de synagoge. Op 9 november werd Lodz officieel door het Reich geannexeerd en van 15 tot 17 november maakten de Duitsers alle synagogen in de stad met de grond gelijk. Tegelijkertijd werd de Joden bevolen de Jodenster te dragen. In oktober 1939 stelden de Duisters een Judenrat aan (in Lodz bekend als Ältestenrat, Raad van Ouderen) met Mordechai Chaim Rumkowski als voorzitter.
Vanaf het begin van de Duitse bezetting werden de Joden van Lodz onderworpen aan periodieke uitwijzingen. In maart 1940 hadden al 70.000 Joden de stad verlaten. Sommigen waren gevlucht, maar de meesten werden door de Duitsers gedeporteerd. In februari werd een getto opgezet, dat eind april werd afgesloten; ongeveer 164.000 Joden werden erin samengepakt. Aan het hoofd van het gettobetsuur stond Hans Biebow, wiens belangrijkste zorg was geld te verdienen voor de SS; hij liet fabrieken in het getto bouwen waar Joden werden uitgebuit ten behoeve van de Duitse oorlogseconomie. De Ältestenrat klampte zich vast aan deze fabrieken om de Joodse productiviteit te kunnen bewijzen in de hoop dat dit Joodse levens zou redden, en spande zich in voor steeds meer Joden werk te zoeken.
Gedurende de jaren 1941 en 1942 kwamen er nog eens 38.500 Joden in het getto van Lodz terecht, onder wie Joden uit Duitsland, Oostenrijk, Tsjecho-Slowakije, Luxemburg en uit andere steden in de Warthegau. Eind 1942 waren zo’n 204.800 mensen door het getto heen gegaan. Ongeveer 43.500 messen stierven ten gevolge honger, ziekte en kou.
In december 1940 begonnnen de deportaties uit het getto van Lodz. Eerst werden de Joden van het getto naar dwangarbeiderskampen buiten de stad overgebracht. Vanaf januari 1942 werden ze rechtstreeks naar het vernietigingskamp Chelmno gestuurd. Begin september van dat jaar had nóg een deportatie-Aktion plaats. Bijna 20.000 Joden werden naar Chelmno gestuurd en honderden werden tijdens de deportatie ter plekke doodgeschoten.
Van september 1942 tot mei 1944 waren er geen deportaties meer en was het leven in Lodz betrekkelijk rusitg voor de overgebleven 77.000 bewoners van het getto. In die tijd droegen ondergrondse politieke partijen en jeugdbewegingen veel bij aan politieke, sociale en culturele activiteiten. Deze groeperingen konden echter niets doen voor hun lotgenoten toen de Duitsers in mei 1944 besloten het getto van Lodz voor eens en altijd te sluiten. De nazi’s begonnen weer met transporten naar Chelmno en in juli waren er al meer dan 7.000 Joden gedeporteerd. Begin augustus stippelden de nazi’s een andere route uit en eindigden de deportaties in Auschwitz om het vernietigingsproces te versnellen. Op 30 augustus, de datum van het laatste transport naar Auschwitz, waren er ongeveer 70.000 Joden naar het beruchte vernietigingskamp gestuurd. Er bleven slechts 1.200 Joden achter in Lodz; 600 van hen werden naar werkkampen in Duitsland gestuurd en de andere 600 werden in een kamp binnen Lodz opgesloten (de Radogoscz-gevangenis). De nazi’s waren van plan alle gevangenen in dat kamp te doden voordat zij zich terugtrokken, maar de gevangenen slaagden erin naar het erin naar het getto te ontvluchten, waar zij 19 januari 1945 door het Sovjetleger werden bevrijd. Aan het eind van de oorlog bleken niet meer dan 7.000 Joden uit het getto van Lodz de concentratiekampen te hebben overleefd.

Met dank aan Yannick Servais voor zijn inzet en bijdrage aan het tot standkomen van deze beknopte encyclopedie.
Encyclopedia of the Holocaust, In Association with Yad Vashem, The Holocaust Martyrs' and Heroes' Remembrance Authority, Dr. Robert Rozett and Dr. Shmuel Spector, Editors, Yad Vashem and Facts On File, Inc., Jerusalem Publishing House Ltd, 2000.