Friends  |  Press Room  |  Contact Us

The International School for Holocaust Studies

Beknopte encyclopedie van de Holocaust

Denemarken

Het zuidelijkst gelegen land in Scandinavië. Net voor de Tweede Wereldoorlog woonden er ongeveer 7.800 Joden in Denemarken. Ongeveer 6.000 van hun waren autochtone Denen, de anderen waren vluchtelingen, velen van kinderen van de Jeugd Alija een zionistische jeugdbeeging. In de jaren voorafgaand aan de oorlog waren vele anderen naar Denemarken gevlucht. Maar tussen 1934 en 1938 waren de regels betreffende buitenlandse vluchtelingen verscherpt, zodat velen van de 4.500 Joden die hun toevlucht hadden gezocht in Denemarken het land verlieten. Op 9 april 1940 werd Denemarken bezet door het Duitse leger. De Denen werden door hun niet-agressieve houding tegenover de bezettende macht toegestaan een eigen regering te vormen en hun eigen leger te houden. In de overeenkomst was een clausule opgenomen betreffende de bescherming van Deense Joden, iets waar de Denen hardnekkig aan vasthielden. Dus de volgende paar jaar veranderde er niets aan de status van de Joden.
In het voorjaar van 1943 verslechterde de toestand evenwel. Aangemoedigd door de overwinningen van de geallieerde strijdkrachten op de Duitsers, verhoogden Deense verzetsgroepen hun activiteiten. Dat veroorzaakte spanningen tussen de Denen en de Duitsers, waarop de Duitsers terugkwamen op hun opvattingen betreffende de status van de Deense Joden. Toen zionistische jeugdbewegingen ontdekten wat er aan de hand was, probeerden velen het land te verlaten, maar pogingen om het zuiden van Europa te bereiken waren veelal vruchteloos vanwege de lange weg, die eerst door een groot deel van Duitsland liep. Anderen wisten per boot van het eiland Bornholm naar Zweden te ontkomen.
Nadat de regering had geweigerd in te gaan op de nieuwe Duitse eisen betreffende de Joden, nam zij eind augustus 1943 ontslag. Werner Best, de Duitse minister in de Deense hoofdstad Kopenhagen, besloot dat de tijd nu rijp was de nazi-leiders in Berlijn voor te stellen de Deense Joden te deporteren. Daarna kwam hij hierop terug omdat hij vreesde dat zijn eigen relatie met de Denen hierdoor stuk zou lopen. Desondanks begon de Duitse politie in de nacht van 1 op 2 oktober 1943 met het arresteren van de Joden. Maar diverse Duitse bronnen, met als belangrijkste bron de Duitse attaché voor scheepvaartzaken, Georg Ferdinand Duckwitz, hadden deze informatie doorgegeven aan Deense groepen, die de Joden onmiddelijk op de hoogte stelden. De Denen – die spontaan en menselijk reageerden – hielpen de Joden de kust te bereiken en Deense vissers brachten hen in hun boten naar Zweden. De Zweedse regering liet weten dat alle vluchtelingen uit Denemarken zouden worden toegelaten en de Deense verzetsbeweging organiseerde de ontsnapping van de rest van de Joden. De koning van Denemarken, Christian X, en de hoofden van de Deense kerken, protesteerden ook tegen de deportatie. Binnen drie weken waren 7.200 Joden en ongeveer 700 van hun niet-Joodse familieleden naar Zweden overgebracht.
Hoewel Rolf Günther, de assistent van Adolf Eichmann, over het geheel genomen faalde in zijn missie de Deense Joden te deporteren, werden er toch nog 500 Joden gearresteerd. Zij werden, onder wie zionistische jongeren en kinderen van Alija, naar Theresiënstadt gestuurd. De Deense regering protesteerde hevig tegen de deportaties en eiste dat een groep Deense vertegenwoordigers Theresienstadt zou kunnen bezoeken. In de zomer van 1944 bouwden de nazi’s een namaak model-getto voor de Deense bezoekers en een groep van het Internationale Rode Kruis. Hoe dan ook, er werden geen Deense Joden naar Auschwitz gedeporteerd. De meesten werden net voor het einde van de oorlog naar Zweden overgebracht.
De manier waarop de Denen voor hun Joden zorgden en hen redden wordt beschouwd als een heldhaftig en humaan aspect van de Tweede Wereldoorlog. Volgens de overlevering droeg koning Christian X zelf de Jodenster uit solidariteit met de Deense Joden. Dat klopt niet met de feiten, want de Deense Joden hebben nooit een Jodenster hoeven dragen, maar het geeft wel een overtuigend beeld van de Deense koning als voorbeeld van moed en als symbool van zijn betrokkenheid bij de Joden in zijn land.

Met dank aan Yannick Servais voor zijn inzet en bijdrage aan het tot standkomen van deze beknopte encyclopedie.
Encyclopedia of the Holocaust, In Association with Yad Vashem, The Holocaust Martyrs' and Heroes' Remembrance Authority, Dr. Robert Rozett and Dr. Shmuel Spector, Editors, Yad Vashem and Facts On File, Inc., Jerusalem Publishing House Ltd, 2000.