Friends  |  Press Room  |  Contact Us

The International School for Holocaust Studies

Beknopte encyclopedie van de Holocaust

Dachau

Het eerste concentratiekamp van de nazi’s. Het kamp was gelegen in de kleine Duitse stad Dachau, ongeveer 16 kilometer ten noordwesten van München. Het werd opgezet in maart 1933 en in april 1945 bevrijd. In totaal gingen meer dan 200.000 gevangenen door de poorten van het kamp en 30.000 van hen kwamen daar officieel om het leven, hoewel het werkelijke aantal beslist veel groter is.
Het oorspronkelijke doel van het kamp was tegenstanders van de nazi’s het zwijgen op te leggen, de Duitsers zo bang te maken dat zij het nazi-regime zouden gehoorzamen en steunen. De commandant van Dachau, Theordor Eicke, leidde het kamp volgens een streng systeem van regels en verordeningen. Hij werd geassisteerd door een staf bestaande uit SS-doodshoofdtroepen, berucht om hun wreedheid. Toen hij later tot inspecteur-generaal voor alle concentratiekampen werd benoemd, paste Eicke dezelfde regels in de andere kampen toe. Daardoor was Dachau een doeltreffende training voor de wrede gedragslijn van de nazi’s.
Dachau werd in maart 1933 in gebruik genomen, spoedig nadat Hitler in Duitsland aan de macht was gekomen. De eerste gevangenen die in het kamp werden opgesloten, waren bekende politieke vijanden van het nazi-regime, grotendeels communsiten en sociaal-democraten. Volgens de nazi’s waren zij gevangengenomen voor hun eigen veiligheid. Deze politieke gevangenen, die het eerst waren gekomen en het kamp het beste kenden, bezetten de belangrijkste posten in het doorde SS opgezette interne bestuur van de gevangenen. Vanaf 1935 werden mensen die door de rechter waren veroordeeld, rechtstreeks naar een concentratiekamp als Dachau gestuurd. De eerste Joden die in het kamp terechtkwamen, waren ook vijanden van het Rijk. Zij werden echter veel slechter behandeld dan de andere gevangenen.
Spoedig werden er andere groepen in het kamp opgesloten, zoals zigeuners, die net als de Joden als een minderwaardig ras werden beschouwd, homoseksuelen, Jehova’s getuigen, die weigerden in het leger te dienen, geestelijken die bezwaard hadden tegen de inmenging van de nazi’s in de kerken en vele anderen die kritiek op de nazi’s hadden.
Naarmate de vervolging van de Joden door de nazi’s werd opgevoerd, kwamen er steeds meer Joden in Dachau terecht. Na de Kritallnacht van 9 op 10 november 1938, werden meer dan 10.000 Duitse Joden gevangen genomen. In 1942, toen het ernst werd met de Endlösung, werden Joden vanuit Dachau en andere kampen in het Rijk naar vernietigingskampen in Polen gestuurd.
In de zomer van 1939 werden enige duizenden Oostenrijkers naar Dachau gebracht. Dit markeerde het begin van de transporten die de hele oorlog door plaatsvonden vanuit elk land dat door het Duitse leger werd bezet. Onder de Oostenrijkse gevangenen waren Joden, verzetsstrijders, geestelijken en anderen die niet wilden samenwerken met de nazi-bezetters. Dachau was omgeven door een onder stroom staande afrastering en een brede gracht.
Zodra de gevangenen in het kamp aankwamen, verloren ze alle rechten en werden hun alle bezittingen ontnomen. Vervolgens werden ze kaalgeschoren en kregen ze gestreepte gevangeniskleding. Elke gevangene kreeg een identificatienummer en een gekleurde driehoek, die aangaf tot welke categorie hij behoorde (Jood, zigeuner, homoseksueel, enzovoorts). Zij moesten erg hard werken, kregen zeer weinig te eten en leefden onder de dreiging van gruwelijke mishandelingen door de bewakers.
De nazi’s buitten de goedkope arbeidskracht van de gevangenen meedogenloos uit. De gevangenen moesten wegen aanleggen, in de steengroeven werken en moerassen droogleggen. Bij het voortschrijden van de oorlog werd de wapenproductie steeds belangrijker voor de nazi’s, dus werden duizenden Joodse gevangenen uit Hongarije, Polen, Tsjecho-Slowakije en de Sovjet-Unie naar Dachau gebracht om in de wapenfabrieken te werken. De wapenproductie werd steeds belangrijker voor de nazi’s, dus werden duizenden Joodse gevangenen uit Hongarije, Polen, Tsjecho-Slowakije en de Sovjet-Unie naar Dachau gebracht om in de wapenfabrieken te werken. Er werden 36 grote kampen bijgebouwd om 37.000 gevangenen die in de wapenfabrieken werkten, onder te brengen. Privé-firma’s konden ook arbeiders uit Dachau in dienst nemen; deze firma’s betaalden direct aan de SS en de arbeiders zagen nooit iets van hun loon. De gevangenen werkten net zo lang tot ze te ziek waren om door te gaan, waarna ze werden vervangen door gevangenen die een betere conditie hadden.
Net als in sommige andere kampen werden er medische experimenten uitgevoerd op de gevangenen in Dachau; zij werden gebruikt als menselijke proefkonijnen. Dr. Sigmund Rascher, een SS-medicus, voerde decompressie- en hogedrukexperimenten uit en professor Dr. Claus Schilling, een bekende onderzoeker op het gebied van tropische geneeskunde, leidde een proefstation voor malaria in het kamp. Hij infecteerde ongeveer 1.100 gevangenen met malaria, in de hoop een immunisatie tegen de ziekte te ontdekken. Verder werden er pseudo-medische experimenten uitgevoerd op gevangenen van Dachau: bij sommigen werden onstekingen en vergiftingsverschijnselen opgewekt om reacties te testen op verschillende medicijnen; anderen werden verwond om stollingsmedicijnen te testen. Er werden ook proeven genomen om te ontdekken of zeewater drinkbaar kon worden gemaakt en er werd geëxperimenteerd met tuberculose.
In de laatste maanden voor de bevrijding van Dachau waren de levensomstandigheden voor de gevangenen nog slechter dan voorheen. Er arriveerden duizenden gevangenen uit andere kampen, die waren geévacueerd omdat de geallieerden in aantocht waren. Barakken die bedoeld waren voor 200 gevangenen werden volgepropt met meer dan 1.600 gevangenen. Er bestond een tyfusepidemie in Dachau, waaraan 100-200 gevangenen per dag stierven. De gevangenen vormden een ondergronds comité om hun medegevangenen te helpen overlevenen en om zich te weer te stellen tegen de plannen van de SS het kamp te vernietigen. Op 26 april dwong de SS 7.000 gevangenen tot een mars naar het Zuiden. Degenen die achterbleven werden neergeschoten en velen stierven van de honger, door uitputting of door de koude. Zij die de mars overleefden, werden begin mei overgenomen door de Amerikaanse troepen, nadat de SS-bewakers verdwenen waren.
Dachau werd op 29 april 1945 door het Zevende Leger van het Amerikaanse leger bevrijd. Er bevonden zich toen meer dan 60.000 gevangenen in het kamp; Zij waren afkomstig uit meer dan 30 landen en er waren toen nog maar weinig Duitsers onder hen.

Met dank aan Yannick Servais voor zijn inzet en bijdrage aan het tot standkomen van deze beknopte encyclopedie.
Encyclopedia of the Holocaust, In Association with Yad Vashem, The Holocaust Martyrs' and Heroes' Remembrance Authority, Dr. Robert Rozett and Dr. Shmuel Spector, Editors, Yad Vashem and Facts On File, Inc., Jerusalem Publishing House Ltd, 2000.